Dat er een nationaal register voor beëdigd vertalers/tolken bestaat, is geen nieuws. We hopen overigens dat u in dat register ingeschreven bent. Ondertussen is er een zogenaamde reparatiewet goedgekeurd. Wat verandert die nieuwe wet aan de bestaande wet?

Aanvaardingscommissie

Registratie voor zes jaar

De opname in het nationaal register geldt voor zes jaar. De vertaler, tolk of vertaler-tolk kan zes maanden voor het verstrijken van deze periode een verlenging van zijn opname vragen. “Bij de aanvraag voegt hij een lijst van de burgerrechtelijke en administratieve opdrachten en het bewijs van de gevolgde permanente vorming. (…)” (artikel 13).

Een beëdiging is dus tijdelijk. Zes jaar. Ondertussen stapelen de verantwoordelijkheden/taken van de BVT’s zich op: btw, btw-aangiften, facturatie, prestatiefiches, diploma’s juridische, taal- en tolk/vertaalkennis, permanente vorming, een nieuwe beëdiging om de zes jaar en “een lijst van de burgerrechtelijke en administratieve opdrachten”. Lextra Lingua vzw staat volledig achter de eis om deskundigheid, maar met de jaren is de weegschaal almaar zwaarder gaan doorwegen in de richting van verplichtingen voor de BVT. Om nog maar te zwijgen over de betalingsproblemen, het eeuwige probleem… En er is nog meer…

 

Betalen om BVT te zijn

“De vertalers, tolken en vertalers-tolken betalen bij hun aanvraag tot inschrijving in het register een bijdrage in de kosten. De Koning bepaalt het bedrag en de nadere regels van deze bijdrage.” (artikel 14)

Waarom? Justitie wil badges invoeren voor de BVT’s. Wil de overheid daarmee die kosten dekken? Of is het gewoon de besparingsreflex van deze regering? En hoeveel zou die bijdrage dan zijn? Bij de bespreking van de reparatiewet zegt volksvertegenwoordiger Stefaan Van Hecke (Groen): “De minister heeft gezegd dat die niet meer dan 100 euro zal bedragen. Als de deskundigen en vertalers-tolken (…), zoals nu soms het geval is, jaren moeten wachten op de betaling, dan is die bijdrage heel zuur.”

Lextra Lingua vzw heeft zich bij herhaling tegen die ‘bijdrage’ verzet. Opnieuw verantwoordelijkheden/verplichtingen voor de BVT’s. We vrezen bovendien een ‘financiële segregatie’. Beginnende BVT’s, die nog maar weinig inkomsten hebben, zouden die honderd euro wel eens een onoverkomelijke hinderpaal kunnen vinden. En gaat een BVT in bijberoep, het nog de moeite vinden om al die verplichtingen na te komen? En wie zegt dat de volgende minister van Justitie het op ‘niet meer dan 100 euro’ zal houden?

 

Gedomicilieerd in een andere lidstaat

“De vertalers, tolken en vertalers-tolken die in een ander lidstaat van de Europese Unie gedomicilieerd zijn, kunnen hun beroepsbekwaamheid bewijzen door een opname in een gelijkaardig register van hun staat, waarvan zij het bewijs leveren;” (artikel 16). Zijn ze niet in een gelijkaardig register opgenomen, dan moeten de BVT’s die in een andere lidstaat van de Europese Unie gedomicilieerd zijn dezelfde procedure doorlopen als de BVT’s die in België zijn gedomicilieerd.

 

En tot slot nog dit:

“In burgerlijke zaken kunnen beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken een opdracht weigeren.” (artikel 18). Lees: in strafzaken kunnen ze dat niet. Lextra Lingua vzw heeft er bij herhaling op aangedrongen dat Justitie een kader schetst waarin aangegeven wordt in welke omstandigheden een BVT al dan niet een ‘strafopdracht’ kan weigeren.

“Dit register kan vrij geraadpleegd worden op de website van de Federale Overheidsdienst Justitie.” (artikel 13). Met andere woorden, gewone burgers zullen het register kunnen