STEUNMAATREGELEN VOOR ZELFSTANDIGEN – CORONA

Posted on

Uitstel van betaling met een jaar van de sociale bijdragen voor de twee eerste kwartalen van het jaar 2020. 

Elk wie geconfronteerd wordt met moeilijkheden om zijn bijdragen op tijd te betalen, omwille van de impact van het coronavirus, zal dit uitstel kunnen verkrijgen, met de dubbele garantie dat de vermeerderingen worden kwijtgescholden op het moment van de effectieve betaling en dat in de tussentijd alle sociale rechten behouden blijven. De zelfstandige behoudt gedurende deze periode dus zijn/haar recht op ziekteverzekering, op verzekering voor werkonbekwaamheid en moederschapsverlof, en op de andere verloven (adoptie, vaderschap, mantelzorg, pleegouderverlof) en het recht op dekking door het overbruggingsrecht wanneer de zelfstandige uiteindelijk moet besluiten zijn activiteit stop te zetten.

Een vrijstelling van sociale bijdragen voor de eerste 2 kwartalen van het jaar 2020.  

Je kan een aanvraag tot vrijstelling van bijdrage indienen bij je sociaal verzekeringsfonds. De dossiers zullen quasi automatisch worden behandeld voor de kwartalen 2020/1 en 2020/2.

Vereenvoudiging van het vervangingsinkomen (overbruggingsrecht) bij onderbreking van de activiteit

De Commissie Sociale Zaken van de Kamer keurde op dinsdag 17 maart het wetsvoorstel voor de crisis-overbruggingsuitkering van minister van Zelfstandigen en KMO’s Denis DUCARME goed.

Voor wie?

Elke zelfstandige die zijn zelfstandige activiteit door de coronacrisis moet onderbreken of zich genoodzaakt ziet zijn zaak te sluiten. De maatregel geldt zowel voor klassieke zelfstandigen, als voor helpers en meewerkende echtgenoten. In tegenstelling tot het klassieke overbruggingsrecht hebben ook startende zelfstandigen, die nog geen 4 kwartalen hebben bijdragen, toegang. Zelfstandigen in bijberoep vallen wel nog steeds buiten de regeling, ook al betalen ze bijdragen zoals in hoofdberoep.

Wat krijg ik? 

Het overbruggingsrecht was er tot hiertoe enkel voor zelfstandigen die hun activiteit voor een maand zouden onderbreken of stopzetten. Dit wordt nu – voor alle vormen van overbruggingsrecht – teruggebracht naar 7 opeenvolgende kalenderdagen. In normale tijden staat een onderbreking van 7 dagen voor een uitkering voor 7 dagen. Nu voorziet het crisisoverbruggingsrecht in maart en april in een volledig maandbedrag (1.291,69euro, (1.614,10 euro bij gezinslast)) voor iedere zelfstandige die gedwongen is zijn of haar activiteit omwille van COVID-19 minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen te onderbreken in die maand.

Is je activiteit opgenomen in de lijst van activeiten die verboden zijn tot en met 3 april 2020 (tijdens de week of in het weekend), dan valt de vereiste van 7 kalenderdagen zelfs weg. Voor deze zelfstandigen is er geen minimumduur van onderbreking voorzien.  

In normale omstandigheden moet je de activiteit voor minstens 7 opeenvolgende dagen onderbreken. Het crisisoverbruggingsrecht biedt ook sommige zelfstandigen die hun activiteit slechts gedeeltelijk onderbreken een volledige uitkering. Deze versoepeling is echter beperkt tot de zelfstandigen die door de overheid verplicht worden om gedeeltelijk te sluiten. Het gaat om restaurants die blijven werken (take away, levering aan huis, traiteur), maar die geen zaaldienst meer kunnen aanbieden. Hetzelfde geldt voor de uitbaters van hotels die hun bar- en restaurantactiviteiten stopzetten, net zoals de handelaars die hun deuren sluiten tijdens het weekend en eender welke activiteit die rechtstreeks geviseerd worden door de sanitaire maatregelen om de verspreiding van het virus te beperken. Klk hier voor het overzicht welke winkels mogen open zijn en welke niet. 

Het crisis-overbruggingsrecht dekt de periode tussen 1 maart 2020 en 30 april 2020, maar deze periode kan worden verlengd als de crisis langer duurt.

Opgelet, de plenaire vergadering van de Kamer moet de wet op donderdag finaal nog goedkeuren

https://www.unizo.be/steunmaatregelen-specifiek-voor-zelfstandigen-coronatijden

DE HOOFDSTAD VAN ABSURDISTAN IS ANTWERPEN

Posted on

Er was eens…

 

 

 

 

 

de griffie van de rechtbank van eerste aanleg van Antwerpen die een beëdigd tolk vroeg dat ze haar bewijs van beëdiging zou inleveren om die beëdiging administratief in orde te brengen. De tolk in kwestie beslist haar beëdiging niet per post op te sturen. Ze vreest dat het waardevolle document zou kunnen verloren gaan en gaat het persoonlijk afgeven.  Enkele dagen later krijgt ze haar document terug per post. Op de enveloppe staat: “Onvoldoende gefrankeerd”.

Geens wil dat vormfouten niet meteen proces vergallen

Posted on

Deredactie.be

Minister Koen Geens (CD&V) wil niet dat vormfouten automatisch tot de nietigverklaring van een proces leiden, ook niet als de verkeerde taal wordt gebruikt. Zo zouden er minder processen moeten overgedaan worden.

Aanleiding voor zijn uitspraken in de Zevende Dag zijn een schrijnend geval. Een proces tegen jihadisten moest drie keer worden overgedaan, nadat Cassatie twee keer tot nietigverklaring overging. Zo komt het dat mensen die zeven jaar geleden werden opgepakt, ondertussen naar Syrië zijn vertrokken.

De reden voor de problemen: tijdens het proces kregen de Tsjetsjeense beklaagden slides in het Engels te zien, een taal die ze in principe niet verstaan.

Rechter oordeelt

Geens wil nu dat zo’n vormfout niet automatisch tot de nietigverklaring leidt. “Dat mag geen automatisch kapmes meer zijn. Ik wil dat de rechter oordeelt of de belangen van de beklaagden werkelijk geschaad zijn. Die moet oordelen of de belangen wérkelijk geschaad zijn.”

Geens zal eerstdaags een voorstel op de regeringstafel leggen. Al weet hij dat de emoties hoog kunnen oplopen als het over taal gaat. “Zowel aan Nederlands- als Franstalige kant.”

Geens benadrukt dat hij al eerder dergelijke maatregelen nam. “Men heeft me verweten dat in Antwerpen drugsbendes zijn vrijgelaten. Maar ik heb er toen meteen voor gezorgd dat een ongeoorloofde telefoontap niet langer als automatisch kapmes gebruikt kan worden.”

“En toen parlementslid Christian Van Eyken woerd vrijgelaten omdat zijn aanhoudingsbevel niet ondertekend was, heb ik een wetsvoorstel neergelegd om ervoor te zorgen dat ook zo’n vormfout niet automatisch tot nietigheid leidt.”

 

http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/politiek/1.2771182

 

2013 – klacht ombudsman

Posted on

Bedankt voor het melden van jouw klacht. Uw klacht werd geregistreerd met volgende gegevens:

Uw gegevens:

Aanspreking: 0
Naam: Van Hemelryck
Voornaam: Benjamin
Adres: diestsesteenweg 675
Postcode: 3010
Gemeente: Leuven
Land:
Telefoon: 32477512481
Fax:
Email: cover.welkom@telenet.be

Gegevens van de overheidsdienst:

Dienst: Dienst Gerechtskosten
Adres: Waterloolaan 115
Postcode: 1000
Gemeente: Brussel
U bent bekend bij de overheidsdienst onder het volgende kenmerk:

Wat is er aan de hand:

Klacht: Geachte heer/mevrouw, Ik stuur deze klacht in eigen naam, maar ook namens de leden van de vereniging van gerechtstolken en -vertalers vzw. Vanaf 1 juli 2013 moesten btw-plichtige gerechtstolken btw heffen op hun tolkprestaties op rechtszaken en politieverhoren (beslissing nr. E.T. 114.552 van 6 mei 2010). Op 29 juli 2013 (Beslissing Btw, E.T.124.252/2, dd. 29.07.2013) beslist het ministerie van Financiën de maatregel op te schorten tot 1 januari 2014. (“Gelet op hetgeen voorafgaat heeft de administratie beslist de inwerkingtreding van de beslissing nr. E.T. 124.252 van 30 mei 2013 uit te stellen tot 1 januari 2014”). Bij gebrek aan richtlijnen, nemen de meeste griffies (die de betalingen van tolken uitvoeren) van de verschillende arrondissementen de beslissing om de tolken niet de verplichting op te leggen om btw te heffen, tot 1 januari 2014 . Op 13 augustus 2013 publiceert de Correctionele Griffie van de rechtbank van eerste aanleg van Brussel echter een brief ter attentie van de tolken die voor die rechtbank werken. De brief preciseert het volgende: “In de praktijk ontheft deze nieuwe beslissing de tolken, die reeds over een B.T.W.-nummer beschikken, niet van de betaling van de B.T.W. van 21 %, maar kent een bijkomende termijn toe van 29 juli 2013 tot 3l december 2013 aan de tolken, die nog geen B.T.W.-nummer hebben, om hen aldus toe te laten hun situatie in orde te brengen bij de B.T.W.-diensten.” Met de uitdrukking “betaling van de btw van 21%” wordt wellicht “heffing van de btw van 21%” bedoeld, want verder in de brief staat de volgende: ” Wij vestigen uw aandacht op het feit dat dit B.T.W.-tarief zowel op de prestatie als op de verplaatsingen berekend wordt”. Het kan toch niet dat een btw-plichtige tolk voor dezelfde prestatie in het ene arrondissement (bijvoorbeeld Leuven; ) geen btw moet heffen en in Brussel wel. Is dat geen discriminatie? Graag leg ik u deze klacht voor. Gelieve in bijlage de vermelde brief van de Correctionele Griffie van de rechtbank van eerste aanleg van Brussel te vinden. Hoogachtend, Benjamin Van Hemelryck
Bijlage1:
Bijlage2:
Bijlage3:

Bedankt,
De federale Ombudsman

Justitie kan facturen opnieuw niet betalen

Posted on

De Morgen 9/6/2016

“Justitie kan facturen opnieuw niet betalen”

“In een rapport over de begroting waarschuwt het Rekenhof dat justitie aan het einde van het eerste kwartaal van dit jaar de achterstallen uit 2015 alweer raamde op 33,6 miljoen euro. Dat schrijft De Tijd vandaag.”

Volgens De Morgen zou het vooral gaan over kosten voor de werking van het gerecht (16,4 miljoen euro) en de gevangenissen (17,2 miljoen).

Het Rekenhof voegt eraan toe dat het bedrag in de loop van het jaar nog stijgen.

De Morgen 9/6/2016

“La justice à nouveau incapable de régler ses factures”

Dans un rapport sur le budget, la Cour des comptes met en garde que la justice à la fin du premier trimestre de cette année estimait les arriérés de 2015 à nouveau à 33,6 millions d’euros, selon le journal De Tijd aujourd’hui.”

Selon De Morgen il s’agirait principalement des charges de fonctionnement de l’appareil judiciaire (16,4 millions d’euros) et des prisons (17,2 millions).

La Cour ajoute que le montant pourrait augmenter au cours de l’année.